Wat is assertief gedrag en wat betekent assertiviteit?
| Zelfvertrouwen, Assertief zijn, assertief gedrag, Communicatie, assertiviteit, Assertief communiceren

Wanneer je iemand vraagt wat assertiviteit is, dan krijg je meestal het woord 'zelfvertrouwen' als antwoord. Maar het is meer dan dat. Assertief zijn betekent eigenlijk opkomen voor jezelf met respect voor de andere. Dit lijkt eenvoudig maar in de praktijk lukt het vaak niet om ons assertief op te stellen. Hoe komt dat?
Assertiviteit betekent dat je opkomt voor je eigen mening, behoeften en grenzen, met respect voor de ander. Assertief gedrag is bijvoorbeeld aangeven dat je een taak niet kunt overnemen, een andere mening uitspreken of vragen om iemand te laten uitspreken. Je hoeft daarvoor niet luid of volledig zelfverzekerd te zijn. Ook als je spanning voelt, kun je duidelijk en respectvol communiceren.
Om verschillende manieren van communiceren te begrijpen, gebruiken we een schema met twee uitgangspunten: rekening houden met jezelf en rekening houden met de ander. Daarmee onderscheiden we vier communicatiestijlen: passief of subassertief, agressief, manipulatief en assertief gedrag.
Op deze manier kom je tot vier kwadranten zoals in onderstaand schema.

Dit schema helpt om verschillende manieren van reageren te herkennen. Het beschrijft gedrag, geen vaste persoonlijkheidstypes. Je kunt in de ene situatie duidelijk voor jezelf opkomen en in een andere situatie terughoudend of fel reageren.
De context speelt mee, maar agressief of manipulatief gedrag kan anderen schaden. Bij assertieve communicatie probeer je zowel je eigen belangen als die van de ander serieus te nemen. Hieronder bekijken we de vier communicatiestijlen aan de hand van dezelfde werksituatie.
Passief of vluchtend gedrag
Bij passief of subassertief gedrag spreek je je eigen behoeften, mening of grenzen onvoldoende uit. Je gaat bijvoorbeeld akkoord met een verzoek terwijl je er geen ruimte voor hebt, of je houdt je mening voor jezelf om een lastig gesprek te vermijden.
Dat kan samenhangen met angst voor een negatieve reactie, twijfel over hoe je iets moet formuleren of de gewoonte om anderen voorrang te geven. Uit één reactie kun je niet afleiden waarom iemand zich zo opstelt.
Een voorbeeld: een collega heeft de afgelopen weken telkens op vrijdag werk naar jou doorgeschoven. Hij vertelt dat hij die avond een belangrijke afspraak heeft en de taak daardoor niet kan afwerken.
Ook deze vrijdag zie je je collega komen en denk je: “Oh nee, daar komt hij weer. Ik vind dit niet prettig, maar ik kan hem toch niet in de steek laten? Wat als ik hem later nodig heb? Misschien wordt hij boos als ik weiger. Ik weet ook niet goed hoe ik moet zeggen dat ik het niet wil doen.”
Je neemt de taak toch over, hoewel je eigen planning daardoor in de knel komt. Je houdt rekening met wat je collega nodig heeft, maar maakt niet duidelijk wat voor jou haalbaar is.
Misschien geef je aarzelend aan dat het moeilijk wordt, maar trek je die boodschap weer in zodra je collega aandringt. Je grens blijft daardoor onduidelijk.
Agressief gedrag
Bij agressief gedrag druk je je eigen standpunt door zonder voldoende rekening te houden met de ander. Je gebruikt bijvoorbeeld verwijten, beledigingen of druk om je zin te krijgen. Een duidelijke grens stellen is op zichzelf niet agressief: de manier waarop je die grens communiceert, maakt het verschil.
Een felle reactie kan verschillende oorzaken hebben. Je hoeft die niet te kennen om het gedrag bespreekbaar te maken. Richt je op wat iemand zegt of doet, zonder meteen conclusies te trekken over diens persoonlijkheid of bedoelingen.
Terug naar het voorbeeld: je ziet je collega komen en reageert meteen met: “Dat meen je toch niet? Schaam jij je niet? Het is elke week hetzelfde met jou. Nu heb ik het gehad!”
Je maakt duidelijk dat je de taak niet wilt overnemen, maar doet dat met verwijten. Je collega krijgt weinig ruimte om te reageren of samen met jou een oplossing te zoeken.
Agressief communiceren kan gepaard gaan met stemverheffing of beschuldigende woorden, maar ook met sarcasme of kleinerende opmerkingen. Het gesprek kan daardoor escaleren en de samenwerking onder druk zetten.
Manipulatief gedrag
Bij manipulatief gedrag probeer je de ander te beïnvloeden zonder open te zijn over wat je wilt. Je verzint bijvoorbeeld een reden om onder een verzoek uit te komen of speelt in op het schuldgevoel van de ander. Daarmee blijft je echte behoefte of grens onbesproken. Dit beschrijft een manier van handelen, geen vast etiket voor een persoon.
In ons voorbeeld denk je: “Daar komt hij weer. Ik heb geen zin in een discussie. Ik zeg gewoon dat ik naar een doktersafspraak moet die ik niet kan verzetten.” Die afspraak heb je in werkelijkheid niet.
Je neemt de taak deze keer niet over, maar bespreekt niet wat je eigenlijk dwarszit: dat de verzoeken zich herhalen en jouw planning verstoren. Daardoor maak je geen duidelijke afspraak voor een volgende keer.
Je hoeft geen persoonlijke details te delen om een verzoek te weigeren. Een korte, eerlijke grens kan voldoende zijn: “Ik kan die taak vandaag niet overnemen.”
Assertief gedrag: wat betekent assertiviteit in de praktijk?
Bij assertief gedrag maak je duidelijk wat voor jou belangrijk is en respecteer je tegelijk de ander. Je kunt nee zeggen, bewust instemmen, je mening geven of aangeven dat je iets niet begrijpt. Dat kan moeite kosten. Assertief zijn betekent niet dat elk gesprek gemakkelijk verloopt of dat de ander altijd akkoord gaat.
In het voorbeeld merk je dat je de terugkerende verzoeken niet prettig vindt. Je besluit dit te bespreken en duidelijk te maken wat je vandaag wel en niet kunt doen.
Je zou kunnen zeggen: “Je hebt me de afgelopen weken meerdere keren op vrijdag gevraagd om werk over te nemen. Vandaag neem ik die taak niet over, omdat ik mijn eigen planning moet afwerken. Ik wil graag afspreken dat we zulke vragen eerder bespreken, zodat we kunnen bekijken wat haalbaar is.”
Je benoemt wat er gebeurt, geeft je grens aan en stelt een afspraak voor. Je hoeft daarbij niet te veronderstellen dat je collega bewust van je profiteert.
Respect voor je collega betekent niet dat je het verzoek moet uitvoeren. Je kunt luisteren naar zijn situatie en tegelijk bij je grens blijven. Zo maak je duidelijk waar de ander op kan rekenen.
Voorbeelden van assertief communiceren op het werk
Assertiviteit krijgt vorm in wat je concreet zegt en doet. Deze voorbeeldzinnen kun je aanpassen aan je eigen situatie:
- Bij een onhaalbare deadline: “Vrijdag lukt niet met mijn huidige taken. Wat krijgt voorrang als dit toch vrijdag klaar moet zijn?”
- Als je wordt onderbroken: “Ik wil mijn punt nog even afmaken. Daarna hoor ik graag jouw reactie.”
- Bij een meningsverschil: “Ik kijk daar anders naar. Mijn belangrijkste bezwaar is de extra werkdruk die dit oplevert.”
- Als iemand blijft aandringen: “Ik begrijp dat je hulp zoekt. Mijn antwoord blijft dat ik dit vandaag niet kan overnemen.”
Wil je een concrete situatie verder uitwerken? Lees hoe je respectvol nee zegt, je grenzen bespreekbaar maakt of je boodschap opbouwt met de DESC-methode.
Wil je assertiever worden in de praktijk?
Lezen helpt je om assertief gedrag te herkennen. Door te oefenen ontdek je hoe je het toepast wanneer een gesprek spannend wordt. In de driedaagse assertiviteitstraining werk je aan je eigen situaties via oefeningen, rollenspellen en gerichte feedback.
Zoek je een compactere opleiding of een traject voor leidinggevenden? Bekijk het overzicht van onze assertiviteitsopleidingen.
Meer weten over Assertief Communiceren?
Volg een assertiviteitstraining
Download het e-book "Communicatievaardigheden
Assertief en overtuigend communiceren"






